Wetenschappelijke update ACT bij chronische pijn (6 mei 2021)

Jongstleden beveelt het Brits National institute for health and care excellence (NICE) zowel ACT als CGT aan voor de behandeling van chronische pijn (Managing chronic pain). De Wereld Gezondheid Organisatie (WHO) noemt ACT als een empirisch ondersteunde behandeling (“met matige zekerheid”) voor het verminderen van functionele beperkingen bij kinderen en adolescenten met chronische pijn. Ze sluiten aan bij de erkenning van de Society of clinical psychology Devision 12 (APA) die de wetenschappelijke evidentie van ACT bij chronische pijn beoordeelde als sterk (Strong research support; Criteria: Chambless et al., 1998). In België beveelt, zowel de Evidence based Practice (EBP, Aanpak van chronische pijn in de eerste lijn (2017), alsook de Federale overheidsdienst van volksgezondheid, ACT en CGT aan als psychologische behandeling van chronische pijn (Pijn rapport studie (2011). In Nederland vinden we ACT & CGT terug in de behandelrichtlijnen van de Nederlandse huisartsen genootschap (NHG, Standaard pijn 2018).

Deze erkenning en aanbevelingen zijn gebaseerd op het vele onderzoek dat uitgevoerd is naar de effecitiveit van ACT & CGT bij deze doelgroep. Er zijn verschillende meta-analyses en reviews verschenen waar men de resultaten van gecontrolleerde onderzoeken (i.e. RCT’s) heeft samengenomen en beoordeeld.

Veelal wordt er in deze onderzoeken gekeken naar verschillende uitkomstmaten. Enerzijds als ACT leidt tot veranderingen in ervaren pijn en de relatie tot de pijnklachten (e.g. acceptatie) en anderzijds als er veranderingen optreden ten aanzien van het psychologisch, sociaal en lichamelijk functioneren. Er wordt dikwijls ook nog gekeken naar bijkomende klachten zoals angst, depressie en kwaliteit van leven.

Hann & McCracken (2014) deden een systematische review van studies die de effectivitieit onderzochten van ACT bij chronische pijn in vergelijking met inactieve controlecondities (wachtlijst, pijn manangment, standaard behandeling). In het algmeen vonden ze een vermindering van pijn intensiteit en ernst, een verbetering van het algemeen, doch meestal lichamelijk functioneren, en een vermindering van emotioneel lijden.

Recentelijk, deden Kang en collega’s (2019) een meta-analyse en lieten zien dat mensen die een ACT behandeling volgden minder last hadden van pijn, angst en depresssieve klachten, men de pijn beter kon accepteren en de kwaliteit van hun leven verbeterde. Hierbij valt op dat pijn acceptatie en kwaliteit van leven sterkere effecten vertoonden dan de andere maten. Ook vonden ze dat ACT de weerstand voor het doen van een psychologische behandeling verminderde.

Een meer kritische meta-analyse met striktere criteria (‘Cochrane’ database) van Williams en collega’s (2020)keken naar verschillende psychologische therapieen (CGT, GT en ACT) bij chronische pijn (hoofdpijn uitgezonderd). Ze keken hierbij enkel naar effecten op pijn intensitieit, fysieke beperking en emotioneel lijden. Men concludeerde dat ACT in vergelijking tot actieve controles nog weinig solide evidentie laat zien op de genoemde maten. Echter dient hierbij opgemerkt te worden dat men maar 5 studies heeft kunnen includeren (in vergelijking met 59 studies voor CGT, welke al veel langer onderzocht wordt). Ook bij CGT vindt men enkel gemiddelde tot lage effecten. Men heeft zich ook enkel gericht op symptoom uitkomstmaten (pijn, fysieke beperking en emotioneel lijden) en niet op hoe men hier meer adequaat mee kan omgaan (e.g. uikomstmaten in psychologische flexibiliteit).

Uit deze studies kan men concluderen dat ACT net als CGT een beloftevolle behandelvorm is voor mensen met chronische pijn. Doch ook dat er veel ruimte is voor verbetering. Chronische pijn, zeker als er sprake is van comorbiditeit van andere lichamelijke en psychosociale problematiek, is een moeilijk te behandelen aandoening. Niet in het minst omdat het chronische aandoening betreft en er een grote impact is op alle belangrijke levensgebieden met een sterk verlaagde kwaliteit van leven specifiek voor deze populatie, e.g. Hadi et al, 2019). Men dient in de verdere ontwikkeling van ACT bij chronische pijn meer rekening te houden met de impact van pijn op iemands levensverhaal en het verloop ervan. Onderzoek dient onder beter gecontroleerde omstandigheden gebeuren op basis van de meest stringente onderzoekscriteria en dient zich vooral ook te richten op uitkomstmaten die recht doen aan de mens die een leven lang dient te leven met pijn (e.g. psychologische flexibiliteit, veerkracht, positieve psychologie,…).

De hoogste tijd voor meer aandacht voor de mens in het verhaal van pijn!

 

Roy Thewissen

 

Referenties:

 Hadi, M.A., McHugh, G.A. & Closs, S. J. (2019). Impact of Chronic Pain on Patients’ Quality of Life: A Comparative Mixed-Methods Study. J Patient Exp. Jun; 6(2), 133-141.

Hann, K.E.J. & McCracken, L.M. (2014) A systematic review of randomized controlled trials of Acceptance and Commitment Therapy for adults with chronic pain. Outcome domains, design quality,and efficacy. Journal of Contextual Behavioral Science, 3, 217–22.

Williams ACC, Fisher E, Hearn L, Eccleston C. (2020) Psychological therapies for the management of chronic pain (excluding headache) in adults. Cochrane Database Syst Rev., 8(8).

Hee-Sook Kang, Sung-Dong Hwang, Sang-Eun Jun. (2019) Effectiveness of Acceptance and Commitment Therapy for Chronic Pain Patients: A Systematic Review and Meta-Analysis. Journal of Korean Academy of Psychiatric and Mental Health Nursing, 28:3, 271-285.

 

Zie verder: wetenschappelijke literatuur ACT bij chronische pijn.

Masterclass: Zelf-als-context

Het kerncomponent ‘Zelf-als-context’ wordt door vele ACT therapeuten/trainers als een moeilijk concept ervaren. In deze masterclass wordt het kerncomponent ‘zelf-als-context’ nauwkeurig onder de loep genomen. In het eerste deel worden kort de drie ‘Zelven’ (‘Zelf -als context’, ‘Zelf-als-proces’ en ‘Zelf-als-inhoud’) belicht vanuit het gekende ACT model. In een tweede deel wordt deze ‘Zelven’ verhelderd aan de hand van inzichten uit de ‘Relational Frame Theory’ (RFT). In het laatste deel wordt er een oefening aangeboden die steunt op principes gedestilleerd uit fundamenteel en toegepast RFT onderzoek. Deze masterclass beoogt je meer zicht te bieden op wat nu exact bedoeld wordt met de 3 verschillende ‘Zelven’ die in het werken met ACT een centrale rol innemen.

Roy Thewissen
 
 
 
 
 

 

Levin, M.E, Twohig, M.P. &  Krafft, J. (2020). Innovations in Acceptance & Commitment Therapy, Clinical Advancements and Applications in ACT. Oakland (US), New harbinger publications.

 

Deze recente uitgave is een verzameld werk van verschillende auteurs, dewelke hun meest up-to-date innovaties uit hun specifiek vakgebied voorstellen aan het ACT en RFT liefhebbende publiek. Het boek beoogd een breed scala aan vernieuwde theoretische concepten en praktische toepassingen uit diverse domeinen van het breed CBS-veld aan te bieden. Verwacht geen uitgebreide en diepgaande verhandelingen, doch een kort en bondige beschrijving van waar de auteurs zich actueel mee bezig houden.

 

In het voorwoord neemt Kelly Wilson ons mee in een bondige historische kadering van het onderzoek naar procesgerichte therapie, zoals recentelijk ACT zich ontwikkeld heeft in verschillende richtingen. Vervolgens worden in een viertal delen verschillende auteurs aan het woord gelaten om hun innovaties te beschrijven. In het eerste deel worden ontwikkelingen op gebied van de toegepaste gedragsanalyse, de klinische RFT en de evolutionaire psychologie behandeld. Een update van bekende modellen en integraties zoals de matrix, het DNA-V model, ACT en exposure therapie en de invloed van de affectieve wetenschap in mensen met zelfkritiek en schaamte, komen aan bod in het tweede deel. Het derde deel gaat in op ontwikkelingen in ACT en CBS interventies bij specifieke doelgroepen zoals obesitas en fysieke activiteit; racisme; kanker; en gewichtscontrole bij anorexia nervosa. Het laatste deel laat innovaties zien bij implementatie programma’s van ACT in de ambulante zorg; mensen met chronische gezondheidsproblemen en emotionele klachten; online toepassing van ACT; en aanpassingen van ACT bij diverse (niet-Westerse) culturen.

 

Vele en snelle veranderingen op gebied van de contextuele gedragswetenschappen, (fundamenteel onderzoek, klinische en andere toepassingsgebieden) zijn nauwelijks bij te houden. Dit boek biedt overzicht van de belangrijkste hoogtepunten en oriënteert de lezer naar mogelijke verdieping en verdere inspiratie, ter bevordering van de persoonlijke ontwikkeling alsook de veelomvattende cultivering van een mens-waardige samenleving.

 

Roy Thewissen